05-11-09

wereldsteedsgewijs

Hallo daar! Met mij is alles goed, maar ik moet zeggen dat ik naar buitenlucht snak. Ik ben nu een kleine maand weg en heb haast alleen nog maar in miljoenensteden gezeten. Op zich is dat allemaal interessant, maar alle grote steden lijken op zekere manier op elkaar en het wordt eens tijd om meer verlaten oorden op te zoeken, om de wolkenkrabbers en het asfalt achter me te laten, om te beginnen … reizen.

Ik ben dus momenteel enkele weken op reis, maar het is pas de laatste paar dagen dat dit echt zo begint aan te voelen, want pas nu zal het word reizen samen gaan vallen met het trekken naar verre horizonten in plaats van ingesloten, ingebakken te zitten tussen de hoge muren van de stad. De eerste twee weken heb ik haast constant in het huis van mijn zus Leen in Toronto, Canada, doorgebracht. Dat was op zich heel leuk. Je familie terugzien is altijd een prettige zaak, des te meer wanneer je die familie niet al te vaak ziet. En daarbij komt dan nog dat ´ons Leen´ nu twee zoontjes heft in plaats van één. Twee schatten van kindjes. Lucas Scott is de jongste en nog maar vier maandjes op deze wereld. Het is het soort baby dat snel aan het lachen te brengen is waardoor zijn aaibaarheidsfactor nog verhoogt. Ik vraag me nu al af hoe hij eruit zal zien de volgende keer dat ik hem ontmoet.. Zijn broertje Brian is nu al twee jaar oud en het is erg grappig om hem telkens te zien evolueren. Het was de derde keer dat ik hem zag en telkens is het anders. Momenteel is Brian een rakkertje dat constant met zijn mini-autootje het huis op stelten zet, Engelse en Nederlandse woordjes begint te brabbelen naargelang de omstandigheden en dat de grenzen van het mogelijke en vooral van het toegestane begint af te tasten. Ik heb mijn zus meermaals ´Nee, Brian, dat gaat niet.´ horen zeggen en grappig genoeg begon ik dat zelf ook een beetje over te nemen.  

Op 7 oktober kwam ik in Montréal aan vanuit Brussel. De vlucht was een saaie ervaring. Dit had vooral te maken met het feit dat ik de avond voor mijn vlucht nog een minifeestje had georganiseerd met wat volk in Gent en dat ik maar een drietal uurtjes had geslapen. Plus, toegegeven, ik stond op met lichte hoofdpijn, te danken aan de obligatoire consumptie van Duvels, die een paar van mijn vrienden mij voorschotelden telkens mijn vorige halfvol, of beter in dit geval, halfleeg, was. Met een niet al te fris gemoed stond ik dus in Zaventem en dan begon één van de medewerkers van Airtransat, de maatschappij waarmee ik naar Montréal vloog, nog moeilijk te doen ook. Ik moest een ticket tonen waaruit bleek dat ik Canada zou verlaten. Dat had ik, namelijk een ticket van New York naar Buenos Aires. ´En vanuit Argentinië, waar ga je dan naartoe? Je moet vanuit Argentinië ook een terugticket hebben.´

Ja, jongen, wat heeft Airtransat daar nu in godsnaam mee te maken. Is dat hun probleem? Het is toch niet met hen dat ik naar Argentinië vlieg, gotbetert! Nu, ik heb al verschillende vervelende verhalen gehoord van reizigers naar Latijns-Amerika die op weg naar hun bestemming werden tegengehouden omdat ze geen terugticket hadden. Dit is in zowat elk Latijns-Amerikaans land een voorwaarde om (via vliegtuig) binnen te mogen als toerist. In dit verband weigeren sommige maatschappijen reizigers zonder terugticket. Waarom? Ik heb me laten vertellen dat wanneer een vliegtuigmaatsschappij een passagier vervoert die door welke reden dan ook wordt teruggestuurd, ze de kosten voor de terugrit moet betalen.  

Maar goed, ik had toch een bewijs dat ik Canada ging verlaten? Voor de rest is dat dan toch mijn probleem? Ze riskeerden toch niet te moeten betalen voor mijn terugvlucht? Ik had die toch, ook al ging die naar Argentinië. Nogal verdwaasd en verrast stond ik daar te kijken naar die man die mij vertelde dat er een probleem was en die ging informeren bij één zijner collega´s, een vriendelijke vrouw met een brede glimlach, om te weten of hij nu een negatief gevolg aan dit ´probleem´ diende te breien of niet … Na haar verteld te hebben dat ik al een terugticket uit Argentinië had willen kopen, maar dat er zogezegd een probleem zou zijn met mijn visakaart, hoewel ik dat niet begreep, want ik had toch tenslotte ook het Airtransatticket met mijn visakaart betaald, blablabli, blablabla, liet zij mij doorgaan: ´Ja, inderdaad, dat gebeurt soms. Maar je moet in Canada zeker zien dat je dat zo snel mogelijk oplost.´ Oef … wie had gedacht dat ze al in Zaventem zo moeilijk zouden doen. Wat stond me dan in de States nog wel te wachten, waar ze qua reizigers pesten een nog veel kwalijkere reputatie hebben. Echter, ik heb voor de rest geen problemen meer ondervonden. Wat het meest bizarre is aan dit soort verhalen? Eens je effectief in een Latijns-Amerikaans land aankomt, wordt er hoegenaamd niet naar je terugvlucht gepolst. Wat kan de lokale douanier dat eigenlijk ook verdommen. Het ´terugticketprincipe´ betreft dus een theoretisch gegeven dat vliegtuigmaatschappijen graag uitmelken om je een extra vlucht te verkopen …

Bon, Montréal bleek een pareltje te zijn. Ik had niet verwacht dat het zo´n mooie stad zou zijn, zeker naar Amerikaanse (en daarmee bedoel ik het continent) standaarden. Een goed onderhouden koloniaal gedeelte, een soort groene heuvel in het midden van de stad waar je rustig kan wandelen en waarvan je een zicht hebt over de ganse stad, de setting op een eiland in de rivier Saint Lawrence / Saint Laurent. Mooi. Wanneer je in een Noord-Amerikaanse stad aankomt, vallen ook al die schattige grijze en zwarte eekhoorntjes op die soepel en nerveus rondhuppelen in de vele parkjes. Wel lachen de locals je uit wanneer je een foto van ze neemt, want voor hen zijn die eekhoorns de normaalste zaak van de wereld.  

Montréal ligt in Québec, maar er wonen een hoop Engelstalige inwijkelingen en dus heb je een beetje een situatie zoals in Brussel: je weet niet goed of je nu in het Frans of in het Engels / Nederlands moet beginnen. Ik begon meestal in het Frans en dat legde me geen windeieren, want een Québecqois tegen wie je in het Frans begint, is je beste vriend. Als je in het Engels begint daarentegen … Het is een beetje overdreven natuurlijk, maar de Québecquois houden nogal veel van de Franse taal, heb ik de indruk. Meer zelfs dan de Fransen zelf misschien en dat wil al wat zeggen.

Maar goed. Ik moet zeggen: ik ben maar even in Montréal geweest, maar de meeste mensen kwamen me er om de één of andere reden verrassend sympathiek over, alsof ze wilden bewijzen dat ze heel tof zijn. En ze vragen je ook steeds of het je eerste keer in Québec is, niet je eerste keer in Canada, want daar wonen die andere Canadezen …  

Toronto is voor mij vooral de stad waar mijn zus en haar familie woont en daarover heb ik het daarnet al gehad. Verder heb ik er nog twee vrienden ontmoet. Jimmy Peat, nen toffe Canadese peer die ik verleden jaar in Gent heb leren kennen en die in Toronto woont, en dan nog Marjory, een meisje uit Ecuador dat ik ken van mijn vorige reis en dat er op visite was bij haar tante. Toronto was dus heel leuk, met de verplichte uitstapjes zoals de Niagarawatervallen … Trouwens, om eerlijk te zijn: de Niagarawatervallen zijn indrukwekkend, maar ik heb het gevoel dat, moesten ze zich op het Zuid-Amerikaanse continent bevinden, ze heel wat minder bekend zouden zijn en dat ze qua indrukwekkendheid waarschijnlijk door een aantal andere watervallen zouden voorbijgestoken worden. Maar goed, ze bevinden zich op de grens tussen de VS en Canada EN DUS zijn ze superbekend. En ... ze zijn echt mooi!

Toronto an sich is niet meteen een stad die me erg aanspreekt. Je mist een beetje het koloniale van Montréal en ik vind het een ietwat zielloze stad. Niet dat er niets te zien of te beleven is, dat zeker niet, maar het voelt te veel aan als een kopie van andere grote, Noord-Amerikaanse steden, zonder dat de stad werkelijk iets ´eigens´ heeft. En dat laatste, dat eigene, dat speciale, dat heeft de stad die ik daarna bezocht natuurlijk als vaneigens … New York, baby!

New York! Het blijft toch altijd een aparte ervaring … heel de wereld op een kluitje bijeen, soms op een steenworp van elkaar. Het grappigste vind ik dat je in New York plaatsen bezoekt die je precies al kent, van films, liedjes enzovoort. Zo ben ik deze keer naar Rockaway Beach geweest, gewoon omdat dat in een nummer van de Ramones voorkomt. Verder zijn er natuurlijk klassiekers zoals Central Park, Wall Street, Brooklyn Bridge en Ground Zero (wat nog altijd een bouwwerf is). Maar wat me telkens opvalt: in New York kan je urenlang ronddwalen en de coolste dingen ontdekken. Dat kan vanalles zijn: een heel apart vergezicht op Manhattan, wat basketveldjes in Queens, pizzatentjes in Brooklyn, niggatalk in de deli´s wanneer je één van die megasized koffies gaat halen, een ellenlange limo die je passeert, een gigantische bowlingzaal die ergens achter de deuren verstopt zit, kleine barretjes met Belgian beer waarin een lokaal groepje wat staat te jazzen enzovoort enzoverder. Bovendien … de musea zijn gewoonweg fantastisch. Ik ben deze keer naar het Metropolitan Museum geweest, want verleden jaar was ik er niet geraakt. Ik was diep onder de indruk van de Egyptische kunst … zowat het enige wat ik er gezien heb na een bezoek van drie uur. Een museum waar je, als je je tijd neemt, gemakkelijk dagenlang in kan ronddwalen. New York was deze keer meer dan de vorige een langgerekte ´wooaaw´, een stad waar ik zeker nog terug naartoe wil gaan.  

Verleden week donderdag ben ik dan aangekomen in Buenos Aires, de hoofstad van Argentinië, de grootste van deze vier wereldsteden die ik tot nu toe heb bezocht. Ik denk dat hier een slordige elf, twaalf miljoen mensen bij elkaar wonen: elf keer Brussel met andere woorden. Een stad die maar blijft uitrekken, zo lijkt het wel. En oh ja, de vlucht had een tussenstop in Mexico Stad, waar we rond tien uur ´s avonds aankwamen, wat zeer spectaculair was! Als ik mij niet vergis behoort Mexico City tot de top drie van de grootste steden ter wereld en daar aankomen was alsof je op een zee van licht landt, of nog beter, op een lichttapijt dat ver tegen de bergwanden uitgerold was. Super!

Bon, Buenos Aires en de rest komen de volgende keer aan bod. Ik probeer nu eenmaal de berichten iets korter te maken, aangezien ik net iets te veel commentaar op dat punt had gekregen tijdens mijn vorige reis. Ik vertrek deze nacht naar Peninsula Valdés, een schiereiland in het noorden van Patagonië waar je op dit moment van het jaar walvissen, orka´s, piguïns, zeeleeuwen, zeeolifanten en des te meer kan gadeslaan. Ik vertel jullie er de volgende keer ongetwijfeld meer over. Eindelijk uit die grootsteden weg! Het werd tijd …        

Groeten aan iedereen, hopelijk zijn de dagen niet te donker. Vergeet de foto´s hieronder niet te bekijken. Wil je reageren, feel free. Het is altijd leuk om iets van het thuisfront te horen. Nos vemos!

DSCN0134

Deze foto toont Montréal vanaf de Mont Royal, de heuvel van waarop je de hele stad kan gadeslaan.

DSCN0142

Een knalrode in herfst zijnde esdoorn in een park in Montréal. Oktober is een heel mooie maand in Noord-Amerika aangezien de blaadjes beginnen te verkeuren, maar in veel mooiere tinten dan bij ons.

DSCN0147

Deze kerk heeft wel wat weg van de ... jawel, de Notre Dame in Parijs. Nu, in Montréal hebben ze in den tijd een kopie gemaakt. Best ok, maar toch niet het origineel.

DSCN0198

Een artificieel watervalletje in een rivier in een park in Toronto. Je ziet een zalm die probeert het watervalletje omhoog te springen. In de herfst gaan ze op zoek naar de bron van de rivier om zich voort te planten. Weinigen halen het echter.

DSCN0213

Lucas Scott, het jongste kindje van mijn zus Leen, aan het slapen.

DSCN0214

Brian, het oudste kind van mijn zus Leen, ondertussen al een bazeke van twee jaar oud.

DSCN0242

´Ons´ Leen en Briantje voor de Niagarawatervallen.

DSCN0277

Met mijn zusje en Briantje op één van de eilanden voor Toronto. In de verte zie je de stad met de CN-Tower die voor een tijd de hoogste toren ter wereld was (ergens in de jaren 70, denk ik). 

DSCN0245
 
Met Marjory (midden), een Ecuadoriaanse vriendin en haar zus in een bar in Toronto.

DSCN0281

Toppunt van sulligheid: denken dat ge cool zijt met een limo en dan vergeten de koffer dicht te doen.

DSCN0285

Met Jimmy Peat, een vriend uit Toronto na enkele lokale bierkes uitgeprobeerd te hebben.

 

Imagen 005

New York. Central Park.  

Imagen 009

Een zicht op een deel van Manhattan vanaf de alombekende Brooklyn Bridge.

Imagen 006

Dit kennen we natuurlijk allemaal, maar bij ons moet je ze gaan zoeken. In Canada en de VS komen ze naar je toe!  

Imagen 016

Met Nick en Alex, twee gasten die in New York wonen op café in de Big Apple. Die avond werd met een Duvel afgesloten.


 Imagen 018

Howard Beach in Queens, een wijk waarin veel paalwoningen terug te vinden zijn.


Imagen 029

Eén of ander hoofdkwartier. In de Kempen zouden ze zeggen: Amai, da´s wel ne specioale die da gemoakt het. Zeker een vijs kwijt.´

 
Imagen 027

Een muurschildering ergens in de Lower East Side.

Imagen 036

Nog een zicht op Manhattan vanop de Brooklyn Bridge.

Imagen 056

Sylvain, een Fransman, en Martine, een Amerikaanse, die ik heb leren kennen in New York.  

 

21:45 Gepost door Peter in Algemeen | Permalink | Commentaren (3) |  Facebook |

Commentaren

peut - jimmy preut
nice style boy

Gepost door: jouw owma | 06-11-09

Peter! Mon belge préféré! Comment vas-tu? Je ne comprends pas bien flamand mais tes photos sont très sympa! Je veux bientôt te rendre une visite à Gent. Amuse-toi bien en Argentine.

Gepost door: Martine | 07-11-09

super foto's Dag Peter,

Je ziet het, ik volg je reis echt ! Prachtige foto's en ze worden met de reis beter ! Vertel zeker voluit over Patagonië, dan kan ik en stukje meereizen !
Groetjes
Carine

Gepost door: Carine | 09-11-09

De commentaren zijn gesloten.